Vroeger, als m’n zusje en ik aan de ontbijttafel zaten, zei m’n moeder altijd: “Het wordt zonnig vandaag, dus dat vest kun je uittrekken’ of ‘Het gaat vanmiddag vreselijk regenen, dus neem je regenpak mee’. Het leken me belangrijke lessen: bereid je voor op de dag en weet wat voor weer het wordt. Maar na acht jaar op mezelf kwam ik tot een schokkende ontdekking: ik doe elke dag maar wat. In de ochtend kijk ik uit het raam en als het bewolkt is trek ik een dikke trui aan. Want als het in de ochtend bewolkt is, dan blijft dat natuurlijk de hele dag zo. Zo heb ik regelmatig zwetend of juist rillend op kantoor gezeten. Welk weer het wordt? Ik heb geen idee.
En zo kwam ik erachter dat er wel meer dingen zijn waar ik van had verwacht ze inmiddels wel onder controle te hebben. Zoals bedtijden. In het begin van mijn studententijd maakte ik er een sport van om zo laat mogelijk in bed te storten. Dat zou m’n ouders leren, daar in Drenthe. Maar nu ik een Heel Serieus Leven leid en ik volgens alle fitgirls minimaal 8 uur per nacht moet slapen, is dat wel veranderd. Ik probeer dan ook vaak rond 11 uur naar dromenland te vertrekken, maar vaak sta ik om 1 uur ’s nachts met een tandenborstel in m’n mond koortsachtig te tellen hoeveel minuten slaap ik nog kan halen tot de wekker weer gaat. Vroeger was het irritant als je moeder zei: “Hup, naar boven, slapen jij.” Nu zou ik er een moord voor doen als iemand mij van de bank zou trekken, terwijl ik met halfdichte ogen de 100e herhaling van iets van Geordie Shore zit te kijken.
Ook qua voorraadbeheer mis ik mijn ouders soms vreselijk. Zo gilde ik vroeger altijd vanuit de badkamer naar beneden: “DE TANDPASTA IS OOOOOP!!” en dan gilde een van m’n ouders terug “KIJK DAN EVEN OP DE ZOLDER!!”. Daar stond dan een voorraad aan verzorgingsproducten waar menig middelgroot land een jaar mee vooruit zou kunnen. Lades vol tandpasta, maar ook tandenborstels, shampoo, wattenschijfjes, bodylotion en veel meer. Hetzelfde gold voor eten. In de garage stonden (en staan nog steeds!) twee grote kasten vol potten, flessen en blikken vol groente, fruit en sauzen. Als ik nu weleens bij m’n ouders aan het koken ben en ik heb iets nodig, is de eerste reactie dan ook: “Heb je al in de garage gekeken?” Mijn zusje en ik maakten er altijd grapjes over als een Derde Wereldoorlog zou uitbreken. Met de voorraad in ons huis zouden we er nog wel even warmpjes bij zitten.
Maar het moge duidelijk zijn, dit hamster-gen heb ik helaas niet geërfd van mijn ouders. Laatst waren mijn wattenschijfjes op, een onmisbaar product in de badkamer van iedere zichzelf respecterende en mascara-dragende jonge vrouw. Als een mantra herhaalde ik daarom de hele dag “wattenschijfjes kopen, wattenschijfjes kopen”. Vijf dagen later en een paar wimpers armer, kon ik m’n mascara eindelijk weer wegpoetsen. Want wat wil je. In een huishouden waar de verzorgingsproducten eens in het halfjaar in bulk werden aangeschaft, loop ik nu volledig blind langs die schappen in de supermarkt.
Openingsdagen en tijden van de supermarkt check ik trouwens ook niet. Winkels zijn toch wel op zondag open en van m’n dichtstbijzijnde AH ken ik de tijden inmiddels wel. Dus als er eens in de zoveel tijd een feestdag om de hoek kom kijken, ben ik altijd de pineut. Zo had ik op 1e Kerstdag alleen nog een bakje couscous in de koelkast dat 1 dag over datum was en op Goede Vrijdag stond ik hardop vloekend voor de Albert Heijn. Hoezo om 19:00 al dicht? Ik woon toch verdomme in de grote stad. Hoe kan Jezus nog zoveel invloed hebben op consumptietijden. Jezus!
En als er dan nog iets is waar ik met veel nostalgie op terugkijk dan is dat ons smetteloze huis in Drenthe. Het huishouden is eigenlijk niet zo aan mij besteed, en ik denk aan niemand. In het weekend hang ik vaak half van de bank, kijk om me heen en denk: dat ziet er nog piekfijn uit Mayo, knap gedaan. Haal ik weleens ergens een vinger overheen voor een stofcheck? Niet echt. Vergeet ik m’n bed soms weken te verschonen? Soms ja. Toch wel even anders dan vroeger. Mijn ouders hebben twee dagen in de week waarop het hele huis wordt gestofzuigd, een dag in de week waarop de bedden worden verschoond, stofdagen en ga zo maar door. Mijn vader is huisman en de stofzuigdagen staan zo vast dat m’n moeder er zelfs gek van wordt. “Dus dan is het verdomme Paasmaandag en dan wil ik wat leuks doen en dan schiet je vader in de vlekken en zegt hij: maar dan moet ik stofzuigen. Geloof jij het?!”
God, wat heb ik veel voor lief genomen vroeger. En maar klagen.
(Maar ik was ook wel veel blij, kijk maar.)
Gelukkig, eindelijk waardering voor de opvoeding! En dat van je vader: klopt! Structuur, maar dan te te te…..